Historie

De voetbalvereniging B.E.W. viert in 2026 haar 75-jarig bestaan. Toch bestond de vereniging al in 1950! Maar het voetballen begon reeds 18 jaar eerder. Een vereniging ontstaan uit zelfwerk­zaam­heid.

Hoe het begon

In de late lente van 1932 bedacht een aantal jonge jongens uit Vledder om te gaan voetballen. Niet zo maar in een weiland met jassen als doelpalen, maar in verenigingsverband tegen andere clubs. Het waren arme tijden, de economische crisis woedde volop. De kerels moesten het dus van zelfwerkzaamheid hebben. Een heideveld aan de Reeweg werd uitgekozen om als veld te dienen. Kleine boompjes of een paar grote boomtakken uit het aanliggende bos moesten als doelpalen fun­geren. De voetballers kregen toestemming van de eigenaar baron Sloet van Marxveld uit Vollenhove om het plan uit te voeren.

Het voorstel van Henk Ekkelboom om alles op de langste dag te doen ( “… dan is het ’t langste licht ” ) vond instemming. Dus op dinsdag 21 juni togen de jongens met paard en wagen, zeisen en vorken, zagen en hamers naar het heideveld. Ze maaiden de heide weg, egaliseerden de grond en timmerden de doelen. Het voetballen kon beginnen. In de zomer volgde er een vriendschappelijk wedstrijd tegen Wapse (3-3).

Via wat onderlinge trappartijtjes en een vriendschappelijke wedstrijd ging het naar competitiewedstrijden in clubverband. Vanaf 30 april 1933 bestond de Voetbal­vereeniging “Sparta” officieel en nam vanaf september 1934 deel aan een competitie in de Drentsche Voetbalbond (DVB). Uitwedstrijden werden met de fiets bezocht.

De shirtkleur werd blauw. Over deze gekozen kleur bestaat het verhaal dat een dertienjarige Kees Stuiver gezegd zou hebben dat hij al een blauw shirt had en dat zijn moeder dan geen nieuw shirt zou hoeven te kopen (crisistijd!). De broekjes zijn donker van kleur, bruin of zwart is niet te zien.

Kees Stuiver in 1933
in een blauw shirt?

Om lid te worden moest iemand 25 cent inschrijfgeld betalen. De contributie was ƒ2,40 per jaar. Te laat betalen leverde een boete op van 10 cent per keer. Het eerste bestuur bestond uit zes leden: voorzitter Kier Kiers, secretaris Henk F. van Nieuwenhoven, penningmeester Henk Ekkelboom, vicevoorzitter Albert Eleveld, vicesecretaris Herman Puper en aanvoerder (aangeduid met captain in het huishoudelijk reglement) Jaap van Rijsten. De captain had het recht om boetes met een maximumhoogte van 25 cent uit te delen (voor spelers die niet kwamen opdagen bijvoorbeeld).

Het elftal werd samen­gesteld door een elftalcommissie, een gebruik dat tot in de jaren zeventig werd volgehouden. De volgende jaren werd er competitie gespeeld in de DVB op zondag. Dat betekende dat de uitwedstrijden in oostelijke richting werden gespeeld, vaak achter de Drentse Hoofdvaart (Beilen, Westerbork, Wijster, Assen).

Waar is Sparta?

Vreemd genoeg komt de naam Sparta niet in de stukken van de Drentsche Voetbalbond voor. In jaarverslagen wordt steeds de naam Vledder gebruikt, terwijl verenigingen als Ready, Quick Boys, Hunso, enzovoorts wel onder hun “eigen” naam staan vermeld. Ook in de eindstand van het seizoen 1935-1936 staat Vledder.

In de crisisjaren vlak voor de tweede wereldoorlog stoppen veel verenigingen er mee of zoeken hun heil in een onderling bondje buiten de DVB om. Vledder wilde wel in de DVB blijven, maar in 1940 deed Vledder ook niet meer mee in de DVB. Of de club zich had aan­gesloten bij “het onderlinge bondje” of gewoon gestopt is als vereniging, is niet duidelijk.

Sparta in 1936. Waarschijnlijk een kampioenschapsfoto.
Staand (v.l.n.r.) Jan Wanningen, Gerard Kok, Kees Stuiver, Jo Was, Jaap Barelds.
Middelste rij (v.l.n.r.) Jan Kok, Herman Puper, Henk Ekkelboom.
Onderste rij (v.l.n.r.) Albert Eleveld, Jaap Ekkelboom, Jaap van Rijsten (captain).

In de oorlog

Uiteindelijk ging het voetbal in de oorlog wel door. In een brief van 14 augustus 1942 verzoekt de gemeente toestemming aan de Procureur-Generaal fungerend Gewestelijk Directeur Politie in Leeuwarden om een voetbalclub in Vledder op te richten. De naam zou de Vledderse Boys moeten zijn. De toestemming werd een week later verleend, maar de naam Vledderse Boys was waarschijnlijk te Engels. Deze moest worden veranderd in Voetbalvereniging Vledder. Er waren enkele beperkingen opgelegd aan de vereniging. Joodse mensen mochten geen lid worden. Verder mocht er niet op zondag voor 12 uur worden gespeeld. In beginsel moest zelfs voor elke wedstrijd toestemming aan de burgemeester én de Procureur-Generaal worden gevraagd om te kunnen spelen.

Uit de Vledder/Sparta boedel was blijkbaar geen bruikbare bal overgebleven. Het was de door de bezetter aangestelde burgemeester Geert Wubbe Boelems (maar waarschijnlijk op initiatief van de secretaris Schumer) die via een officieel gemeentelijk schrijven een lederen bal bestelde bij de firma J. Rothuizen en Zn. in Heelsum (Gld.).

vv Vledder werd ingedeeld bij de afdeling Drenthe. Maar dat gaf de problemen die al eerder werden geschetst. Daarom was het weer de burgemeester die verzocht om Vledder in te delen bij de afdeling Zwolle. Niet dat de uitwedstrijden (onder andere Old Forward, Havelte, Wapserveen, Uffelte, maar ook Oldemarkt) gemakkelijk konden worden bereisd, maar de afstanden waren in elk geval een stuk korter. Of de overgang werd toegestaan is niet bekend, al is er wel een melding van wedstrijden tegen Old Forward.

Vledderveen in beeld

In het seizoen 1947-1948 vinden we Vledder en Vledderveen (dat ook in de oorlog werd opgeheven) terug in de Drentse bond. In de 3e klasse B zitten dan zeven teams: Diever, Dwingeloo 2, Vledder, Vledderveen, Smilde 2, Hoogersmilde en Oranje Wit Wapserveen. Op 15 februari 1948 wordt Vledderveen kampioen in de wedstrijd tegen Vledder en zij promoveren. In het seizoen 1949-1950 komt Vledderveen in de 1e klasse (na een reorganisatie om de competities wat groter te krijgen). Vledder komt dan uit in de 2e klasse B.

Het eerste elftal van Vledderveen moest nu lange reizen maken. In de 1e klasse (1949-1950) zaten veel ploegen uit noord en noordoost Drenthe. Er was weinig geld en een bus was dus te duur. Daarom ging men vaak op een vrachtwagen (door de week gebruikt voor veetransport!) van Jaap Mos uit Nijensleek naar de uitwedstrijden toe. Weinig comfortabel, maar het moest maar zo. Vledder ging over het algemeen met een bus van Blok uit Wapserveen. Maar zij hoefden meestal niet zo ver op stap (Smilde, Beilen, Wijster, bijvoorbeeld).

vv Vledder in 1947 of 1948.
Staand (v.l.n.r.) Cees Bouwer, (secretaris), Bertus Kok, Albert Kok, Koop Ekkels, Willem Blomsma, Jo Das, Tinus Kiers, Henk Ekkelboom, Hendrik van Dijk. Midden (gebukt) Roelof Veenstra. Voortse rij (v.l.n.r.) Gerrit Winters, Jaap Ekkelboom, Evert Zielman.

BEW ontstaat

Op vrijdag 15 september 1950 verscheen in de Meppeler Courant een berichtje met de strekking dat twee voetbalverenigingen, vv Vledder en vv Vledderveen, gaan fuseren om tot betere resultaten in de sport te komen. In Vledder en Vledderveen wordt aangenomen dat de twee redenen waarom werd gefuseerd, gingen over een tekort aan spelers bij vv Vledder en een tekort aan geld bij de vv Vledderveen.

Het kasboek uit die tijd laat zien dat het voorvoegsel ’te’ niet helemaal van toepassing is. De vv Vledderveen brengt ƒ158,12 in en vv Vledder ƒ297,78, waarbij Vledderveen 37 leden (inclusief jeugdleden en niet-spelende leden) in­brengt en Vledder 29. Dat kleine aantal van Vledder heeft misschien de doorslag gegeven om tot de toenadering te komen.

Het bestuur van de nieuwe vereniging bestaat uit: Roelof Veldhuizen (voorzitter), Wietse Hoogeveen (penningmeester) en (Al)Bertus Marinus uit Vledderveen, en Cees Bouwer (secretaris), Henk Ekkelboom en Albert Eleveld uit Vledder.

De fusie kwam op een wat laat moment voor de nieuwe competitie. Vledderveen en Vledder waren al ingedeeld in de klasse van de vorige competitie (1e klasse en 2e klasse B, respectievelijk). De eerste wedstrijden waren zelfs al aan­gekondigd in de Officiële Mededelingen van de Drentse bond. Het zal op het DVB kantoor in Assen op zijn minst een binnensmondse vloek hebben ontlokt.

Ook had de nieuwe vereniging nog geen naam! De DVB plakte er daarom eerst maar een eigen gekozen afkorting op: S.K.V. Waar de afkorting voor stond is onduidelijk. Deze naam werd gedurende enkele weken gebruikt.Half oktober kreeg de nieuwe vereniging de naam Blauw En Wit. Een naam die waarschijnlijk door Henk Ekkelboom of Gerard Kok is ingebracht naar aanleiding van de shirtkleur van vv Vledder, in combinatie met de witte broek met rode bies van vv Vledderveen. Maar misschien heeft de Drentse bond de naam wel voorgesteld om wat tempo in de administratie te krijgen. De club kreeg op 13 oktober 1950 toestemming van de KNVB om de naam B.E.W. te voeren. De eerste wedstrijden waren toen al achter de rug. B.E.W. begint in de 1e klasse van de DVB, daar waar Vledderveen in speelde. De thuiswedstrijden werden om en om op de velden in Vledderveen en Vledder gespeeld.

Voor de uitwedstrijden moest je wel van reizen houden. In het eerste seizoen (1950-1951) ging de reis steeds naar noord- en noordoost Drenthe: Annen, Borger, Buinerveen, Grollo, Gasselternijveen, Vries, Assen, Veenhuizen. In die tijd waren er nog weinig eigen auto’s, het openbaar vervoer was hooguit redelijk te noemen, maar nam veel te veel tijd in beslag en op de fiets gaan was natuurlijk ondoenlijk. Die reizen gingen dus met de (dure) bus. Een rit naar Borger op 8 oktober 1950 kostte 50 gulden. De meereizenden betaalden 18 gulden terug. De spelers en leden van het bestuur kregen korting en supporters moesten een door het bestuur vastgesteld bedrag betalen.

Niet alleen het 1e elftal moest op reis, maar ook het 2e en 3e elftal en de jeugd. Deze elftallen hoefden over het algemeen wat minder ver, maar het tikte toch behoorlijk aan. Met een beetje geluk konden sommige reizen worden gecombineerd. Op 3 december 1950 bijvoorbeeld, ging het 1e elftal naar Annen en de aspiranten naar Hijker Boys. Dat kon in één bus: kosten 55 gulden, terug betaald 29 gulden. De jeugdspelers speelden in Hijken met de grote jongens als toeschouwer en gingen dan met de bus verder naar Annen om als supporters van het eerste elftal te fun­geren.

Voor de spelers kwamen die reiskosten natuurlijk bovenop de contributie. In het eerste (nog niet officiële) jaar was de contributie 60 cent per maand, ƒ7,20 per jaar. Dus met tien uitwedstrijden kwam er zo’n ƒ2,50 bij. Aspiranten betaalden ƒ3,= per jaar contributie en zij zouden daar ongeveer de helft van aan reiskosten moeten bijbetalen.

Om extra inkomsten te krijgen, naast contributie en entreegelden bij de wedstrijden, werden allerlei activiteiten ontplooid. Op 24 februari 1951 werd er een uitvoering gegeven met bal na waarvan een batig saldo van ƒ43,03 in de kas vloeide. Een grote klapper maakte de vereniging met de bazaar op 20 mei 1951. Het was een mooie, zonnige dag en dat moet hebben geholpen om het nettoresultaat van ƒ 1.031,40 te krijgen.

Verder waren in die tijd de zogenaamde seriewedstrijden erg populair. In één dag werden dan door teams van verschillende clubs korte wedstrijden (een kwartier of een half uur) tegen elkaar gespeeld. De winnaar ging dan meestal met de eer en een beker voor de prijzenkast naar huis. In 1951 werden op 8 juli seriewedstrijden gehouden. Deze dag leverde ƒ222,78 op door kaartverkoop, de fietsenstalling, verpachting voor de ijscokar en de entree voor het dansen ’s avonds.

Officiëel BEW

In het weekend van 11 en 12 augustus 1951 volgt de opmaat naar het officiële B.E.W. Het weekend wordt gebruikt om een hele reeks aan activiteiten te ontplooien. Een tent wordt opgetuigd in Vledderveen. Het weer zit nu niet zo mee. Harde wind (kracht 5), zwaar bewolkt, maar droog en een maximum temperatuur van on­geveer 19 graden celsius. Op zaterdagavond is er een toneelvoorstelling. Er is dansen. Op zondag de seriewedstrijden op het veld in Vledderveen met muziek en ’s avonds weer dansen.

Op 13 augustus 1951 wordt B.E.W. dan officieel ingeschreven bij de DVB. Het huishoudelijk reglement schrijft de gebruikelijke regels voor. Een, voor de huidige tijd, wat bijzondere regel was, dat de spelers niet mochten roken … op het veld. De contributie bleef hetzelfde voor volwassenen en aspiranten als voor de fusie.

In het seizoen 1952-1953 ging eindelijk de wens van ruim voor de oorlog in vervulling. Enkele zuidwest Drentse ploegen uit de afdeling Zwolle kwamen naar de Drentse bond: Havelte, DVSV (Darp) en Uffelte. Ook Dwingeloo, Wapser Boys en Diever maakten deel uit van de klasse. Plots kon men dicht bij huis blijven. Het moet een hele opluchting voor de penningmeester zijn geweest.
Dat seizoen werd B.E.W. kampioen. Er volgden promotiewedstrijden voor een plaats in de 4e klasse van de KNVB. Maar tegen de kampioen van zuidoost Drenthe, KSC uit Schoonoord, en de kampioen van noord Drenthe, SGO uit Grollo, kon de stap naar boven niet worden gezet.

Kampioensteam van 1956.
Staand (v.l.n.r.) Freek de Vries, Cobus de Jong, Jacob Knol, Jo Dekker, Henkie Schapelhouman, Andries Aukes, Tinus Kiers, Kasper Bovenkamp, Henk Ekkelboom, Cees Bouwer.
Voorste rij (v.l.n.r.) Bertus Kok, Jan Marinus, Jantinus Have (keeper), Arend Veelo (gebukt), Aaldert Wanders, Theun Veldhuizen.

 

De glorieperiode van B.E.W. kwam met het kampioenschap in 1956. Gedurende zeven jaar werd er in de 4e klasse B gespeeld. In 1964 degradeerde de club weer naar de 1e klasse van de DVB. Na dit seizoen splitste het Vledderveense deel zich af van de voetbalvereniging en ging weer door als vv Vledderveen.

Het volledige artikel “Het vroege voetbal in Vledder” van Gert Kiers is gepubliceerd in nr. 25 van het tijdschrift “KerspelStokkies” van Historische Vereniging ’t Fledder Kerspel.